www.hugovandenbroek.com

  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size
Home Archief

Zondag 28 september, Iten – Kenia.

E-mail Print PDF

Als om 5.00 uur a.m. de wekker gaat vraag ik me eventjes af: “Waarom?”

Waarom trainen Kenianen om 6.00 uur in de ochtend, als het nog donker is. Wat is er mis met 7.00 uur? En waarom moet ik zonodig met ze meedoen?

Op het programma staat vandaag een training van 35km, niet al te rustig, en het leek me leuk om dat te combineren met een groep Keniaanse atleten die hetzelfde doet.

Na een boterham en een kop sterke thee vertrek ik naar de asfaltweg, waar ik met ze heb afgesproken. Het startpunt is op circa anderhalve kilometer van ons huisje en gewapend met een gevulde bidon, een zaklamp en een stok loop/jog ik in het pikkedonker over de 'dirtroad'. In tegenstelling tot de meeste Kenianen – die zonder problemen in het donker over hobbelige paden lopen, desnoods met meer dan 15 km/uur – heb ik een zaklamp nodig om niet te struikelen. De stok is bedoeld om eventuele loslopende honden in de buurt op afstand te houden. Overdag doen ze niets, maar in het donker neem ik liever geen risico.

Om 5.50 sta ik als eerste op de afgesproken plek. Eén voor één komen de lopers uit het donker naar me toe gewandeld en ook mijn vriend Cornelius verschijnt met de auto. Hij zal tijdens de training achter ons aanrijden en mijn droge kleding en bidon meenemen.

Kenianen schudden graag handen, dus ik schud er ook heel wat. Er wordt niet veel gepraat, alleen zachtjes “Habari?” “Mzuri” gefluisterd (Hoe gaat het? Goed). Als om 6.10 uur de zon op is, staan er zo'n 50 atleten klaar om te beginnen.

De training overtreft de verwachtingen. Ik ben gelukkig niet voor niets zo vroeg opgestaan.

Na een eerste relatief rustige kilometer van 4'30”, wordt het tempo direkt opgevoerd naar 3'40”-3'30” per km – op 2400 meter hoogte op een zeer heuvelachtig terrein is dat best stevig. Een groot deel van de groep moet dan afhaken en we blijven met zo'n 20 man over. De fase dat ik opgetogen was over elke Keniaan die in de training niet met me meekon, heb ik achter de rug. Er zijn in Iten honderden, misschien zelfs meer dan 1000, lopers. Een deel daarvan is erg sterk, maar er zijn er ook een heleboel die minder serieus of gewoon minder getalenteerd zijn. We lopen over schitterende glooiende paden van rode aarde, door een omgeving van mais- en korenvelden. Af en toe komen we langs een hutje en proberen de buitenspelende kinderen een stukje met ons mee te lopen. Tot 20km blijven we als groep bij elkaar, daarna wordt het tempo verder opgevoerd en vallen atleten één voor één af. Na 1u45 bereiken we het 30km punt, dat is 2'-3' sneller dan vorige week. Vorige week deed ik (voor het eerst) een vergelijkbare training met deze groep, maar was ik na 25km volledig kapot. De laatste 10km liep ik toen alleen, op mijn tandvlees. De rest van de dag kon ik alleen maar op bed liggen. Nu gaat het beter en denk ik zelfs aan versnellen. Helaas zijn de laatste 7km heuvelop; daar zijn Kenianen bijna zonder uitzondering veel beter in dan ik. Ik moet de kopgroep laten gaan en loop de laatste kilometers alleen door. Daar aangekomen wachten we op de rest, die óf hardlopend, óf in de volgauto arriveert. Op mijn voorstel om nog een paar kilometer uit te lopen, gaan de meeste atleten niet in. Liever wandelen ze naar huis.

Na deze schitterende en zware training besteed ik de rest van de dag aan mijn andere hobby's: eten, slapen, kletsen en een wandelingetje maken in de schitterende natuur hier.

 

 

Login Form

Who's Online

We have 14 guests online

foto: Peter Oey

sponsor:

stichting: